Valbeveiliging redt levens

Veiligheid wordt steeds belangrijker. Dit zien we ook in de overheidsregulering die steeds strenger wordt. Deze regelgeving is vooral gericht op preventie. Want preventie is nu eenmaal cruciaal voor het uitvoeren van riskante werkzaamheden. Op de werkvloer zien we steeds vaker gasdetectors, rookmelders en meer van dit soort apparaten. Ook bij het werken op grote hoogte worden bepaalde veiligheidseisen gesteld. De eisen voor het werken op grote hoogten zijn net als het werken met gevaarlijke stoffen voornamelijk gericht op preventie.

Wanneer is valbeveiliging noodzakelijk

Als je gaat werken op een hoogte vanaf 2,50 meter ben je verplicht om gebruik te maken van valbeveiliging. Deze specifieke hoogte hanteert men als richtlijn omdat vallen vanaf deze hoogte serieuze risico’s geeft voor de gezondheid. Ook een ladder is vanaf een hoogte van 2,50 meter niet meer veilig om mee te werken en brengt zelfs extra risico’s met zich mee. Ook wanneer je op minder grote hoogte werkt kan valbeveiliging verplicht zijn. Als je boven uitstekende delen werkt bijvoorbeeld, of boven het water zit. De risico’s zijn dan groter en dat verdient extra veiligheidsmaatregelen. De valbeveiliging voorkomt ten eerste het vallen vanaf een grote hoogte. Ten tweede voorkomt de beveiliging dat je door de val een harde klap maakt. Ten derde maakt de valbeveiliging onmogelijk dat je door de vallijn beknelt raakt.

Aan welke eisen moet een valbeveiliging voldoen?

Een valbeveiliging moet aan een drietal eisen voldoen. Om te beginnen moet er een goed bevestigingspunt zijn voor de beveiligingskabel. Dit bevestigingspunt moet sterk en stevig genoeg zijn. Vervolgens moet de valbeveiliging een harnas hebben voor de werknemer. Via dit harnas is de werknemer verbonden met de kabel. Ten slotte is er een valstopapparaat of een zogenaamde valdemper die voorkomt dat jij bij een val ‘doorvalt’.